Is het verplicht een keuze te maken tussen OP (taak) en OOP (functie)?

Als iemand benoemd is als leraar en daarnaast taken van een kwaliteitscoördinator uitvoert, is er geen keuze: deze medewerker blijft onderwijspersoneel (OP) en inschaling loopt via LB of LC. De eis voor een LB-functie is dat je minimaal 50 procent lesgevende taken hebt.

Pas als de kwaliteitscoördinator een aparte functie is, met een eigen functiebeschrijving en functiewaardering, kan er gekozen worden om deze medewerker in te schalen als onderwijsondersteunend personeel (OOP).

Salaristechnisch hoeft er geen verschil te zijn tussen OP (taak) en OOP (functie). Wel zijn er andere voor- en nadelen om af te wegen.

Het schoolbestuur heeft het recht te bepalen of het een taak (OP) of functie (OOP) betreft. De inhoud van de beroepsstandaard is ongeacht dit besluit relevant. We zien dat veel schoolbesturen kiezen voor OP en dus de lerarenschaal, omdat dit als doorgroeimogelijkheid wordt gezien vanuit het leraarschap. Het is een pre als een KC’er als leraar voor de klas heeft gestaan, dit maakt het ontwikkelingsrecht begeleiden sterker.

In de praktijk merken we dat er bij besturen steeds meer behoefte ontstaat aan een aparte functiebeschrijving en dat er vaak voor OOP schaal 11 gekozen wordt.