Wat zijn de verschillen tussen een inschaling OP en OOP?

Het schoolbestuur bepaald inschaling OP (onderwijspersoneel) of OOP (onderwijsondersteunend personeel) wordt besloten binnen het schoolbestuur.

Iemand die benoemd is als leraar en daarnaast taken van een kwaliteitscoördinator uitvoert blijft onderwijspersoneel (OP) en inschaling loopt via schaal LB of LC. Pas als de kwaliteitscoördinator een aparte functie is, met een eigen functiebeschrijving en functiewaardering, kan er een inschaling in een onderwijsondersteunende (OOP) functie volgen. In de praktijk zien we dat besturen steeds vaker voor dat laatste kiezen.

Salaristechnisch hoeft er geen verschil te zijn tussen de 2 opties. In de CAO primair onderwijs 2025-2027 zijn de salarisschalen OOP11 en LC aan elkaar gelijk. Ook vallen OP en OOP onder hetzelfde pensioen.

Er zijn voor- en nadelen te noemen bij de keuze die gemaakt wordt:

Vakantie:

  • Als OOP kun je gevraagd worden om in vakanties dossiers bij te werken, overdrachten te doen of beleid te schrijven. Daarentegen mag je buiten de vakanties verlof opnemen, maar dit gaat wel om een beperkt aantal uren.
  • Als OP is het bovenstaande veel minder vanzelfsprekend en wordt er meer uitgegaan van schoolvakanties.

Rooster:

  • Als OP wordt overwerk zelden formeel geregistreerd.
  • Als OOP zijn meer-uren en overwerk duidelijker afgebakend.

Krimp:

  • Wellicht komen OOP-functies wat eerder aan de beurt bij bovenformatie of reorganisatie. Als je OP bent, blijft je rechtspositie hetzelfde en kun je, mocht het in de toekomst nodig zijn, terugvallen op de leraarfunctie als taken of werkzaamheden wegvallen in de organisatie. De andere zijde hiervan is dat je, bij het ontbreken van werk als kwaliteitscoördinator, gevraagd kan worden om aan het werk te gaan als leraar.