Woensdag 27 mei spreekt de Tweede Kamer over passend en inclusief onderwijs. Een belangrijk debat.
De LBBO ziet inclusief onderwijs niet alleen als ideaal; we zien het nú al in de praktijk. Volgens ons verdient ieder kind een plek waar het kan leren, meedoen en zich ontwikkelen. Thuisnabij en samen met anderen.
Tegelijkertijd herkennen wij de zorgen die uit de recente enquête van FvOv, AOb en CNV naar voren komen. Daaruit blijkt duidelijk: er is nog veel werk te doen.
Wat kan wél?
Dat werk begint bij de juiste mindset: kijken naar wat wél kan, vanuit hoge verwachtingen en vertrouwen in leerlingen én professionals. Op verschillende scholen in Nederland zien we dat inclusief onderwijs geen abstract ideaal is, maar dagelijkse praktijk kan zijn. Lees in Beter Begeleiden bijvoorbeeld deze prachtige praktijkverhalen.
De zorg dat inclusief onderwijs niet goed zou zijn voor leerlingen, delen wij niet. Onderzoek laat zien dat inclusief onderwijs kan bijdragen aan de leerontwikkeling, participatie en sociale inclusie van álle leerlingen, mits het goed wordt georganiseerd en ondersteund. De European Agency for Special Needs and Inclusive Education werkt hier al jaren aan en verzamelt Europese kennis en praktijkvoorbeelden over hoe inclusief onderwijs de ontwikkeling van alle leerlingen kan versterken.
Laten we dus evidence-informed naar inclusief onderwijs kijken: zorgen en ervaringen serieus nemen, maar ons onderwijssysteem verbeteren op basis van kennis, onderzoek en goede praktijkvoorbeelden. Niet op basis van een enkele enquête.
Hoe inclusief onderwijs kan slagen
Dat vraagt om realistische randvoorwaarden. Inclusief onderwijs kan alleen slagen wanneer er voldoende expertise, ondersteuning, passende bekostiging, professionele ruimte en goede samenwerking beschikbaar zijn. Leraren hoeven dit niet alleen te doen. Inclusief onderwijs vraagt om een sterk team rondom de leerling én aandacht voor de duurzame inzetbaarheid van onderwijsprofessionals.
Daarmee is de oproep aan de politiek helder: investeer in deze randvoorwaarden. Investeer in de ondersteuningsstructuur in en om de school. Investeer in het toerusten van leraren én begeleiders. En zorg voor regelgeving en toezicht die inclusief onderwijs mogelijk maken in plaats van belemmeren.
Adviezen aan de Tweede Kamer
De enquête van FvOv, AOb en CNV is wat ons betreft geen reden om af te remmen, maar een opdracht om door te pakken. De gevoelens en zorgen van onderwijsprofessionals zijn een belangrijk signaal richting de politiek: er is werk te doen aan mindset, ondersteuning, expertise, samenwerking, regelgeving en passend toezicht.
In opdracht van OCW hebben verschillende organisaties die betrokken zijn bij en in het onderwijs, waaronder de LBBO, meegeschreven aan uitgebreide adviezen op deze thema’s. Met als doel dat in 2035 alle kinderen thuisnabij onderwijs kunnen volgen.
Inclusief onderwijs vraagt om visie, expertise en lef. Maar bovenal: om de overtuiging dat ieder kind tot leren kan komen.